-->
godinnen en beeldvorming op nissaba

Godinnen en beeldvorming
home | info | artikelen alfabetisch | godinnen index | forum | contact |

Nissaba weblog

Op het weblog van Nissaba worden religieuze en mythologische beeldvorming, rolpatronen, vooroordelen en stereotiepen tegen het licht gehouden. Laat je niet langer in een hokje duwen en wees jezelf.

Godinnen

Religie, mythologie en beeldvorming. Godinnen uit de hele wereld op Nissaba.

Alle artikelen

Lees de Alfabetische lijst.

 


 
XML: RSS Feed 
XML: Atom Feed 

De parabel van Imo | Home | Godinnenspektakel: Va… |

Ahhotep - twee Egyptische koninginnen op de drempel van het Nieuwe Rijk

Donderdag 17 April 2008, 10:55 am - Categorie: geschiedenis

Ahhotep
Ahhotep. Haar naam betekent De maan is tevreden.

De Egyptische koningin Ahhotep was de laatste koningin van de 17e dynastie. Ze was geboren ten tijde van de zogenaamde Tweede Tussenperiode, een periode waarin de eenheid van Egypte in verval was geraakt en het land tussen verschillende heersers was opgedeeld. Ze was betrokken bij het tot stand komen van de beroemde 18e dynastie, een oorlogsdynastie die na het verjagen van de Hyksos-dynastie de eenheid van Egypte herstelde. Ze was de moeder van de eerste farao van de 18e dynastie, Ahmose, en van diens echtgenote Ahmose Nefertari.
Ahhotep bereikte de hoge leeftijd van ca. 90 jaar. Ze heeft de hele omwenteling meegemaakt, vanaf de aanzet tot het conflict met de Hyksos, het verdrijven van de buitenlandse volken uit Egypte en de aanvang van het Nieuwe Rijk in 1539 v. Chr.. Deze periode wordt gekenmerkt door de hereniging van de landen van Egypte, restauratie van de Amon-cultus, politieke vernieuwing en grootschalig imperialisme. Tijdens deze dynastie werd het rijk in westelijke richting tot aan de Eufraat, in zuidelijke richting tot Nubië uitgebreid. Na de dood van echtgenoot Sekenenra Tao II en zoon Kamose trad Ahhotep op als regentes voor Ahmose, die nog te jong was om te regeren. Na diens dood heeft ze nog meegemaakt hoe haar kleinzoon Amenhotep I een begin maakte met de uitbreiding van het rijk. In een tempel in Nubïë, bij de vestingsstad Buhen, komt haar naam voor in een cartouche, samen met die van Ahmose, een aanwijzing dat ze samen met Ahmose heeft geregeerd. Ze werd door Ahmose op een stele in Karnak herinnerd vanwege het herstel van de orde tijdens ongeregeldheden in Thebe.




Ahhoteps ouders waren de koningin Tetisheri en de farao Tao I. Haar echtgenoot was Sekenenra Tao II; zijn bijnaam was de Dappere. Ahmose, de eerste farao van deze dynastie, en de koningin Ahmose Nefertari, zijn echtgenote, waren Ahhoteps de zoon en dochter.

Tetisheri met gierkap, op de offerstele van Ahmose
Tetisheri met gierkap, op de offerstele van Ahmose.

De vrouwen van de 18e dynastie speelden een grote rol in de politiek en ideologie, wat al begon bij Tetisheri, de moeder van Ahhotep. De bekendste koninginnen van deze dynastie zijn Hatsjepsoet, die zichzelf tot farao had benoemd, en Nefertiti, echtgenote van de 'ketterse' farao Achnaton, die waarschijnlijk een aantal jaren als de farao Semenkare heeft geregeerd.
De vrouwen uit het begin van deze dynastie zijn tegenwoordig minder bekend, maar ze hadden grote betekenis voor de ideologie van het Nieuwe Rijk. Een aantal familieleden werd vergoddelijkt. Ahmose Nefertari, de dochter van Ahhotep, werd nog zeker vijf eeuwen met haar zoon Amenhotep in het door hun opgerichte werkliedendorp bij Deir el Medina als godin vereerd. Hier woonden de mensen die werkten aan de graven in het koningsdal aan de westoever van de Nijl tegenover Thebe, waar sinds Ahmose Nefertari en Amenhotep I de koningen en koninginnen van de 18e dynastie zouden worden begraven. Ahmose werd nog begraven bij Dra Aboe el Naga op de westoever van Thebe, waar de koningen van de 17e dynastie werden begraven. Dit gebied is nog niet goed onderzocht.

Tetisheri
Stele met Tetisheri die offers ontvangt van haar kleinzoon, de farao Ahmose.

Tetisheri, de moeder van Ahhotep en 'matriarch' van de 18e dynastie, was zelf niet van koninklijke geboorte. Toch had ze een opmerkelijk hoge positie. Ze was de Grote Gemalin van de koning, en ze was de eerste koningin die de gierkap droeg. Deze kroon verwees naar de godin Nechbeth, de beschermgodin van Opper-Egypte in het zuiden, waar Thebe de hoofdstad was. De gier symboliseerde ook de moedergodin Mut, die samen met de god Amon en het maankind (Iah of Chons) de centrale Thebaanse goddelijke triade vormde.
In het piramidecomplex van Ahmose in Abydos bevond zich een stele met hierop Ahmoses overleden grootmoeder Tetisheri, aan wie hij offers brengt. De tekst, een dialoog tussen Ahmose en zijn echtgenote Ahmose Nefertari, vermeldt dat Tetisheri de moeder is van Ahmoses vader (Tao II) en van zijn moeder (Ahhotep). Zijn ouders zijn dus broer en zus. Ook is te lezen dat Ahmose zijn grootmoeder met de bouw van een piramide en een kapel zou eren. Het werd de laatste piramide, die werd gebouwd als eerbetoon. Hij was omringd met tuinen en een meer. De koningin zelf was begraven in Thebe. Terwijl Ahmose op veldtocht was of te jong was om te regeren, regelde Tetisheri de zaken aan het hof van Thebe, en trad Ahhotep op als regentes.
Als kinderen van Ahhotep zijn genoemd: de farao Ahmose, koningin Ahmose Nefertari, de zoons Ahmose Sipair en Binpu en de prinsessen Ahmose-Henutemipet, Ahmose-Meritamon, Ahmose-Nebetta en Ahmose-Tumerisy. Ahhoteps grafkist is gevonden in de buurt waar ook de kist van haar zoon Kamose is gevonden. Hun oorspronkelijke graven zijn tot nu toe niet ontdekt.

Titels en functies van Ahhotep en de koninginnen van het Nieuwe Rijk

Mut en Amon in Karnak
Gier en moeder Mut met Amon. Onvoltooid beeld uit Karnak.

Ahhotep droeg de titels zuster van de koning, echtgenote van de koning en moeder van de koning. Ze was de eerste die de titel Goddelijke gemalin van Amon (ḥm.t nṯr n Jmn) droeg. Dit hield de functie van hogepriesteres voor Amon in. Deze hing samen met de restauratie van de Amon-cultus in het Nieuwe Rijk. Amon werd beschouwd als de oorlogsgod die de Egyptenaren had geholpen met het verjagen van de Hyksos naar het land van hun voorouders en met de enorme imperialistische veroveringen van het rijk, dat zich al snel uitbreidde tot aan de Eufraat. Na het verjagen van de Hyksos werd de oude Amon-verering in ere hersteld en vernieuwd. Sinds het Nieuwe Rijk werd hij als de belangrijkste rijksgod vereerd. Van oorsprong was Amon een belangrijke orakelgod in de gedaante van een ram. Hij zou tijdens de 18e dynastie met de zon samensmelten tot de zonnegod Amon-Ra. Het tempelcomplex voor Amon in Karnak groeide uit tot misschien het grootste heiligdom ooit gebouwd.
De titel Goddelijke Gemalin kwam al eerder voor bij niet-koninklijke vrouwen, en was verbonden met de goden Min, Ptah en Amon. Sinds de 18e dynastie werd hij voor het eerst gebruikt door koninklijke vrouwen, met name door de koningin of door haar dochter. De functie maakt duidelijk dat de rol van vrouwen sinds de aanvang van deze dynastie zowel politiek als religieus prominent was.

Ahhotep armband met gier
Armbandbeschermer met gier, grafgift gevonden in de kist van Ahhotep II.

Ahmose Nefertari wordt meestal genoemd als eerste die deze titel droeg, maar mogelijk droeg Ahhotep hem al eerder, ook tijdens haar leven. Ahmose Nefertari gaf haar functie van Tweede priester van Amon, haar geschonken tijdens een protocol dat wordt beschreven op de zogenaamde donatiestele, aan haar dochter toen ze steeg tot Goddelijke Gemalin van Amun. Dit was de hoogste priesteressenfunctie in de cultus voor Amon. Hij ging gepaard met religieuze en politieke verplichtingen, waaronder het interpreteren van orakels en het uitvoeren van diverse tempelrituelen met de farao. De koningin droeg als Goddelijke Gemalin van Amun net als de farao zowel een prenomen als een nomen. Ze werd beschouwd als de incarnatie van de gier en moedergodin Mut, de echtgenote van Amon. Als Mut werd ze bevrucht door de god Amon. Ze waren de ouders van het goddelijke maankind Chons. Jaarlijks werd het samenkomen van de god en de godin en de geboorte van het kind in Karnak, het heiligdom van Amun in Thebe, gevierd. Het verheffen van de koningin tot Goddelijke Gemalin bracht mee dat de koning voortaan ook sinds de geboorte als halfgod werd beschouwd. Voordien werd hij pas goddelijk na zijn dood.

Goddelijke gemalin met gierkap
Vier 'goddelijke gemalinnen' met gierkap, uit het graf van Khabeknet. Te lezen zijn de namen Ta-khered-qa, Sit-ir-bau en Kamose.

Het is onzeker of Ahhotep de titel al droeg tijdens haar leven. Er wordt verschillende informatie over gegeven. De titel zou uitsluitend in haar graf worden genoemd. Ook zou hij pas posthuum zijn gegeven in de tijd van Toetmozes I, de opvolger van Ahhoteps kleinzoon, de farao Amenhotep I. Verder wordt een ramessidsich graf van een Amenemopet genoemd, waarop Amenemopet een plengoffer schenkt voor Amenhotep en Ahhotep, waar de titel wordt gebruikt. Ten slotte zouden er in Deir al-Bahari vier grafkisten zijn gevonden die verwijzen naar de cultus voor Ahhotep, Ahmose Nefertari en haar zoon Amenhotep.
Ahmose Nefertari is de eerste koningin die de titel zeker droeg. De functie van Goddelijke Gemalin ging sinds Ahmose Nefertari ook nog gepaard met de titels Hand van God en Goddelijke Aanbidster.

Dat Ahhotep politiek actief was, blijkt uit een inscriptie boven een deur in een tempel in de Nubische vestingstad Buhen. Ahmose liet hier na een veldtocht in een cartouche naast zijn eigen naam die van zijn moeder schrijven. Zo'n dubbelcartouche komt alleen voor in geval van mederegentschap. Waarschijnlijk was Ahhotep regentes na de dood van Kamose, tot Ahmose oud genoeg was. MIsschien heeft ze ook daarna nog samen met hem geregeerd.

vliegen uit de grafkist van Ahhotep II
Vliegen uit de grafkist van Ahhotep II, een eerbetoon voor militaire moed.

In een inscriptie in de tempel van Amon in Karnak van Ahmose wordt naar Ahhotep verwezen als Nebet Ta (heerseres van het land) en 'Meesteres van de kusten van Haunebu'. Uit de tekst blijkt dat Ahhotep voorkwam dat het land tot chaos verviel door een opstand te onderdrukken. Ze bracht de deserteurs terug, bond de strijdkrachten bijeen, pacifeerde het zuiden en verjoeg de rebellen. De stele werd in 1900 gevonden door George Legrain, voor de achtste pyloon in de tempel van Karnak. Hij bevindt zich nu in het museum van Cairo. Op de stele somt Ahmose de belangrijke daden op die hij voor Egypte heeft verricht. Een gedeelte is gewijd aan de daden van zijn moeder. Misschien heeft het betrekking op de periode dat ze als regentes voor Ahmose optrad, of tijdens zijn veldtocht in Nubië.
Deze vermelding werd in het verleden in verband gebracht met de gouden vliegen uit de grafkist van Ahhotep II die is gevonden bij Dra Aboe el Naga. Gouden vliegen werden uitgereikt als een militaire orde vanwege betoonde moed. Gesuggereerd is dat het om voorwerpen van Ahmose en Kamose gaat, die in de kist van Ahhotep belandden nadat de kisten vanwege grafroverij elders werden verborgen. Over het algemeen wordt echter geaccepteerd dat het gaat om grafgiften voor Ahhotep II zelf.
Vanwege de vele overeenkomsten tussen deze koninginnen worden ze vaak met elkaar verward.

De tekst op de stele luidt:
"Bewijs eer aan de gebiedster van het land, heerseres van de kusten van Haoeneboe. Haar naam is verheven boven alle landen buiten Egypte (en ze) regeert het volk.
De gemalin van de koning, de zuster van de heer (de koning) - leven, voorspoed, gezondheid! De prinses, de moeder van de koning, de edelvrouwe, die inzicht heeft en wie Egypte ter harte gaat'.
Ze zorgde voor de soldaten en beschermde hen, ze heeft de vluchtelingen teruggebracht en de deserteurs verzameld. Ze heeft Boven-Egypte (het zuiden, Thebe) gepacificeerd en de opstandelingen verdreven. De vrouw van de koning, Ahhotep, moge ze leven."
Vertaling uit de Nederlandse vertaling van Joan Fletcher.

Ahhotep dolk
Verbindingsstuk van een dolk uit de kist van Ahhotep, in Egeïsche stijl.

Het is niet aannemelijk dat Ahhotep in de strijd heeft gevochten. Waarschijnlijk gaat het eerder om motivatie en bestuurlijke daadkracht. In de tekst wordt naar haar verwezen als 'heerseres van het land, van de kusten rond de zee en het volk'. Haar naam is 'verheven boven alle landen'. Peter Janosi wijst erop dat Haoeneboe waarschijnlijk geen bepaalde lokatie betreft. Het betreft oevers of kusten aan het water. Het is het meest waarschijnlijk dat wordt verwezen naar de landen in de Middellandse Zee of het Egeïsche gebied, dat in die tijd nog een bloeiende Minoïsche cultuur kende. Het vulkaaneiland Thera was waarschijnlijk al een eeuw eerder door een uitbarsting ingestort en verzwolgen, en het verval van de Minoïsche beschaving was al ingezet. De geografische instabiliteit van de landen in en rond de Middellandse Zee kan een oorzaak zijn van de immigranten uit dit gebied. In de hoofdstad van de Hyksos, Avaris (het huidige Tell el-Daba), zijn veel Minoische herinneringen gevonden. Ook de Hyksosperiode wordt mede gekenmerkt door Minoïsche elementen. Met de landen in de Middellandse Zee bestonden nauwe contacten, en er werd handel mee gedreven. De grafgiften in de grafkist van Dra Aboe el Naga vertonen ook divere Minoïsche motieven.
Op de stele wordt gesproken van nebta, heerseres van het land, en niet van het gebruikelijke nebtawy, heerseres van de twee landen.

De strijd tegen de Hyksos en de hereniging van het rijk

Minoische stier en labyrinth gevonden in Avaris, de oude hoofdstad van de Hyksos
Minoische stier en labyrinth gevonden in Avaris, de oude hoofdstad van de Hyksos.

Egypte was in de oudheid tot één groot rijk samengevoegd. De mythologie rond de eenwording speelt sinds het begin van het Oude Rijk een belangrijke rol. Tijdens het Middenrijk was na een periode van verval weer sprake van een herenigd Egypte. Maar na verloop van tijd begon door diverse omstandigheden de eenheid sinds de 12e dynastie te verbrokkelen, en op een gegeven moment bestonden er een aantal parallel lopende dynastieën Deze periode wordt Tweede Tussenperiode genoemd. De 14e dynastie liep in grote lijnen parallel aan de 13e. Sedert ca. 1630 heerste in het noordelijke deltagebied (beneden-Egypte, met als hoofdstad Avaris) de 15e dynastie, met een aantal farao's met Semitisch aandoende namen. Het zuidelijke rijk (opper-Egypte, met als hoofdstad Thebe) werd geregeerd door de 17e dynastie. Verder was er nog een 16e dynastie van de zogenaamde 'Hyksos-vazallen'.

Assyriers in door paard getrokken strijdwagen
Assyrische strijders in door gepaard getrokken strijdwagen.

Al sinds ca. de 11e en 12e dynastie stroomde het deltagebied vol met west-Syrische volken uit het westen, en Minoïsche en Egeïsche volken uit het Middellandsezeegebied. De voornaamste oorzaak wordt gezien in de oprukkende oorlogsvolken uit Azië en de instabiele geologische situatie van de Middellandse Zee.
In Azië verschenen imperialistische strijders op het toneel die hun overwicht ontleenden aan militaire vernieuwingen. Ze introduceerden paarden in de strijd, en vonden verschillende wapens en specifiek oorlogstuig uit. Hierdoor ontstond er een grote chaos, zodat de bewoners op de vlucht sloegen en elders hun heil zochten. Indo-Iraanse en Indo-Europese veroveraars, waar later de Hittieten uit voortkwamen, introduceerden het paard met de strijdwagen, wat een grote militaire voorsprong opleverde. In de 19e eeuw werd vanuit Ashur door de koning Shamsi Adad het Assyrische rijk gevormd. Dit viel in Egypte ongeveer samen met het begin van de 12e dynastie.

Terracotta hyksosbeeld. Vrouw met vogelhoofd en nemes hoofddoek
Assimilatie met de Egyptische cultuur bij dit terracotta hyksosbeeld. Vrouw met vogelhoofd en nemes hoofddoek.

Rond 1760 veroverde Hammurabi Babylon, en hij maakte een einde aan het eerste Assyrische rijk. In die periode begon in Egypte de 12e dynastie in verval te raken, en viel het rijk geleidelijk uiteen. Paarden werden in Babylon algemeen tijdens de dynastie van de Kassieten, die heersten na Hammurabi. De Kassieten waren afkomstig uit de Kaukasus. Ze heersten vanaf 1600 en hadden 450 jaar de macht over Babylon. In Egypte was in deze tijd de Hyksos-dynastie reeds gevormd. Zij regeerden sinds ca. 1630. Het vulkaaneiland Thera werd waarschijnlijk rond deze tijd verzwolgen, wat een enorme impact heeft gehad op de wijde omgeving.
Intussen werd door binnenvallende Indo-Europese volken voorbij de Eufraat in het noorden van Mesopotamië het rijk Mitanni gevormd, dat militair zo machtig was dat het imperialisme van de 18e dynastie hier tot staan kwam. Alleen de farao's Toetmozes I en III hebben de Mitanni tijdelijk weten te onderwerpen. Toetmozes III trok 'plunderend van stad tot stad' terwijl de edelen zich 'verborgen in hun holen', en richtte de stele op die aan zijn rooftocht aan de overzijde van de Eufraat herinnert, naast de stele die Toetmozes I hier al had weten te plaatsen. De Mittani veroverden Assyrië en heersten tijdelijk over Ninive en Ashur rond 1500. Een westwaartse beweging was toen al langere tijd op gang.

Egyptisch Astarte Nieuwe Rijk
Egyptisch beeldje van Astarte uit het Nieuwe Rijk. De Syrische herkomst van dit huisbeeldje is goed zichtbaar.

Deze veroveringen leidden tot langdurige volksverhuizingen, zowel oostwaarts naar India als westwaarts, waarbij Egypte aanvankelijk volstroomde met Semitische vluchtelingen uit Syrië, maar uiteindelijk ook met de steeds verder westwaarts trekkende veroveraars te kampen kreeg. De Aziatische volken brachten behalve wapens ook andere culturele invloeden mee. Ze assimileerden voor een deel met de Egyptenaren, maar behielden ook een eigen identiteit. Ze vereerden Egyptische goden, en stelden hun eigen goden gelijk aan de Egyptische. De Semitische hoofdgod Baal werd gelijk gesteld aan de Egyptisch Seth, de tegenstrever en moordenaar van Osiris, die uiteindelijk door Horus zou worden overwonnen. De godinnen Anat en Astarte werden ook na het verdrijven van de Hyksos nog in het Nieuwe Rijk vereerd. Astarte is geassocieerd met de Egyptische Hathor, wat te zien is aan het Hathorkapsel waarmee Astarte werd afgebeeld. Op een huisbeeldje van Astarte uit het Nieuwe Rijk, dat hiernaast is afgebeeld, is de invloed van de west-Syrische Ashera-beeldjes herkenbaar.

Minoische beschaving op Thera
Minoïsche muurschildering uit Thera.

De Middellandse Zee werd intussen geteisterd door aardbevingen en tsunami's, wat na eeuwen uiteindelijk tot een ultieme uitbarsting kwam toen de vulkaan op het eiland Thera explodeerde (waarschijnlijk kort voor 1630), het eiland half verzwolg en indirect een einde maakte aan de Minoïsche beschaving, om plaats te maken voor het Myceense rijk van de vroegste Grieken. Ook door deze natuurrampen raakten de volken in dit gebied op drift.
In deze tijd bestond een culturele uitwisseling tussen de eilanden in de Egeïsche Zee en Noord-Egypte. Het lineair A-schrift van Kreta schijnt te zijn geschreven in een aan het Semitisch verwante taal. In Egypte is verder veel aardwerk van Cyprus gevonden.

Waarschijnlijk is niet alleen militaire overmacht een verklaring voor de machtsovername van de Hyksos. Al sinds het einde van de 12e dynastie was de Egyptische heerschappij instabiel geworden en verzwakt. Vele farao's volgden elkaar in een korte tijd op. Velen regeerden niet langer dan een jaar. Er zijn archeologische aanwijzingen gevonden voor een hongersnood. Het verbaast niet dat gesuggereerd is dat het bijbelse verhaal over de plagen van Egypte en het verhaal over het verzwolgen leger van de farao hier zijn oorsprong vond, hoewel de historische weergave van de gebeurtenissen in de bijbel niet overeenkomt met de werkelijke geschiedenis.

Houten beeld van Hyksos vrouw met kind
Houten beeld van Hyksos vrouw met kind.

De Egeïsche en Syrische volken in de noordelijke Nijldelta vermengden zich met de Egyptische cultuur. Ze begonnen Egyptische goden te vereren of stelden hun goden met de Egyptische gelijk. Rond 1730 heeft waarschijnlijk wel een gewelddadige invasie plaatsgevonden. Uiteindelijk werd rond 1630 een farao-dynastie van buitenlanders gesticht, die met een vergriekste term Hyksos werden genoemd. Een aantal van deze farao's hebben semitische namen. De term Hyksos werd overgeleverd door de Grieks sprekende Egyptenaren uit de Ptolemeïsche tijd, en door hen vertaald als 'herder-koningen'. Het is eigenlijk een verbastering van hekaoe chasoet, wat 'Heersers uit vreemde landen' betekent. Deze hyksos-dynastie regeerde zo'n honderd jaar parallel aan de Thebaanse dynastie in het zuiden. Sinds de farao Tao I, de echtgenoot van Tetisheri, braken er gevechten uit. Zijn opvolger Sekenenra Tao II, de echtgenoot van Ahhotep, sneuvelde in de strijd tegen de Hyksos, de Aziatische en Egeïsche volken die al sinds het begin van de 12e dynastie (ca. 2000 v. Chr.) Egypte in begonnen te trekken en nu al een eeuw, sinds ca. 1630 v. Chr., in het noorden van Egypte aan de macht waren gekomen, waar ze de 15e faraodynastie hadden opgericht. De 15e faraodynastie in het noorden liep parallel met de 17e dynastie in het zuiden.

Mummie van Seqenenra Tao II, met typische wonden die worden toegeschreven aan Hyksos-wapens.
Mummie van Seqenenra Tao II, de echtgenoot van Ahhotep, met typische wonden die worden toegeschreven aan Hyksos-wapens.

Uit de verwondingen aan zijn mummie is afgeleid dat Tao II mogelijk is gedood met typische hyksos-wapens: een dolkstoot achter het oor, een klap met de strijdknots tegen het jukbeen en een slag met de typerende hyksos-bijl in de schedel. Hij werd opgevolgd door Kamose, waarschijnlijk de zoon van Ahhotep en Tao II, die de strijd van zijn vader voortzette. Er is ook wel gesuggereerd dat Kamose de broer van Tao II was, en dat hij na diens dood was getrouwd met Ahhotep. De familierelaties en de chronologie zijn niet zo duidelijk, en moeten worden afgeleid uit de sporadische vondsten uit deze tijd.
Op de beroemde stèle van Kamose is te lezen hoe Kamose, getergd door de opdeling van het Egyptische rijk en de zware belastingen die de Aziaten hadden opgelegd, zich voornam om de Aizaten uit Egypte te verjagen en de landen weer te verenigen. De tekst geeft een mogelijk motief. Deze stèle werd in 1954 gevonden onder het beeld van Ramses II in Karnak, waar hij als fundering was gebruikt. Kamose spreekt zijn ergenis erover uit dat Egypte in drie delen is opgedeeld, een Aziatisch deel, een Nubisch deel, en hij ertussen in. Iedereen kan meedelen in Egyptische land. Bovendien kent niemand rust vanwege de hoge belastingen die de Aziaten eisen. Kamose neemt zich dus voor de Aziaten het land uit te gooien en Egypte te redden. Onder leiding van Amon trok hij naar het noorden, terwijl het leger voor hem uittrok 'als een vuurzee'. De Aziaten werden teruggedrongen, en de soldaten van Kamose trokken plunderend door het land. Zijn soldaten verdeelden vol vreugde hun buit, bestaande uit slaven, vee, melk, vet en honing.
Uit de tekst van de stèle blijkt dat in deze periode het doel was om Egypte te bevrijden van vreemde invloeden en het land te herenigen onder één vorst. De imperialistische strijd waarmee Egypte tijdens de 18e en 19e dynastie in een indrukwekkende wereldmacht veranderde begint pas met Amenhotep I, nadat de orde binnen het rijk is hersteld. De farao's in deze periode leefden te kort om deze opeenvolging van gebeurtenissen mee te maken, maar de koninginnen Tetisheri, Ahhotep en Ahmose Nefertari bereikten alle een hoge leeftijd. Tetisheri en Ahhotep waren betrokken bij het begin van het verzet, maakten de omwenteling mee en de aanvang van de uitbreiding van Egypte tot wereldrijk.

Ahhotep
West-Thebaanse necropolis in de rotsige heuvels van Dra Aboe el Naga, waar de koninklijke families van de 17e dynastie werden begraven.

Kamose vocht in noordelijke richting tot in Fayoem, en zuidelijk tot het tweede cataract. Na drie jaar verdween hij van het toneel, waardoor wordt aangenomen dat hij is omgekomen in de strijd. Zijn mummie was in de 19e eeuw vanwege de slechte conditie op een vuilnisbelt gedumpt. Tegen de tijd dat duidelijk werd om wie het ging, was deze verloren gegaan, zodat de doodsoorzaak niet kan worden onderzocht.
Een tweede stèle van Kamose vermeldt hoe een boodschapper van de koning Apopep werd onderschept die op weg was met een brief naar Nubië, waarin hij om steun verzocht tegen Kamose. Deze reageerde hierop met militaire maatregelen.
In twee rotsinscripties in Armina en Toshka komen de namen van Kamose en Ahmose samen voor, beide met een titel die werd gebruikt voor heersende koningen. Dit suggereert een co-regentschap. Het lijkt erop dat Kamose Ahmose als co-regent aanwees voor zijn tweede campagne tegen Nubié.
Het was Ahmose die later de Aziaten uit Egypte verdreef en ze helemaal najaagde tot aan Sharuhen in de Negev woestijn, in het zuiden van het tegenwoordige Israël. De joodse schrijver Josephus Flavius, die deze episode terecht aanvoert als de originele versie van de bijbelse exodus, voegt hier nog als interessante noot aan toe dat de Hyksos vervolgens in hun 'beloofde land' de stad Jeruzalem stichten. Ook is in Josephus' citaat van Manetho een hint te vinden naar 'het beloofde land'; de koning Thummosis sloot na een lange belegering van Avaris een overeenkomst met de hyksos, waarbij zij accepteerden dat ze Egypte zouden verlaten, in ruil waarvoor zij zich dan mochten vestigen waar ze maar wilden. Met tweehonderdduizend families trokken zij vanuit Egypte de Syrische woestijn in. Uiteindelijk stichtten ze in Judea een stad die ze Jeruzalem noemden, aldus Josephus. Vanwege de macht van de Assyriërs konden ze niet verder trekken. Ahmose, de farao die uiteindelijk de Hyksos verdreef, regeerde ongeveer van 1539 tot 1514.
Een historisch verslag van de strijd wordt ook gegeven in het graf van Ahmose, zoon van Ebana, in El-Kab, die heeft gevochten in het leger van de farao's Ahmose en Amenhotep I. Zijn vader had al gevochten onder Tao II. Ahmose, de zoon van Ebana, beschrijft hoe hij met het leger van de farao optrok naar Avaris, waar de stad werd geplunderd. Hij maakte in de oorlog vele gevangen, mannen en vrouwen, die hij mocht houden als slaven. Vervolgens trok het leger naar Sharuhen, dat na een belegering van drie jaar ook werd geplunderd. Toen de 'nomaden van Azië' waren overwonnen, ging de tocht verder naar het zuidelijke Khent-hen-nefer, waar de Nubische boogschutters werden vernietigd. Ook daar werd een rijke buit gemaakt. Het leverde Ahmose, zoon van Ebana, nog meer slaven en stukken land op, net als de rest van de bemanning.
Ook de Rhind-papyrus, een mathematische tekst, geeft informatie over de manier waarop de strijd is gevoerd. Op deze papyrus staat bijvoorbeeld de strategie beschreven die door Ahmose werd toegepast waarmee de stad Tjaru in de delta werd ingenomen. Door Tjaru in te nemen werden alle belangrijke routes naar Avaris afgesneden, zodat niemand vanuit oostelijke richting de stad hulp kon bieden. Bij Josephus wordt in de woorden van Manetho een situatie beschreven die hieraan vaag doet denken. Onder de koning Misphragmuthosis werden de Hyksos opgesloten in Avaris. De Hyksos omgaven hun stad vervolgens door een grote muur, om hun bezittingen veilig te stellen. De zoon van de genoemde farao, Thummosis, kwam na een mislukt beleg tot een overeenkomst waarbij de bewoners zich verplichtten Egypte te verlaten in ruil voor een vrije aftocht, met behoud van al hun bezittingen. Honderdduizenden mensen trokken vervolgens met hun bezittingen de woestijn in, op weg naar het nieuwe land dat hun door de Egyptenaren was beloofd.

Hyksos koning
Beeld van de Hyksos koning Apep of Apophis.

Een andere bron die een soort motief geeft over de aanleiding van het conflict is een brief die was geschreven door de Hyksos koning Apep of Apophis aan Tao II, waarin hij de koning vroeg zich niet langer bij de nijlpaardenvijver op te houden, want hij kon in Avaris in de delta niet slapen vanwege het lawaai dat de dieren maakten. De brief is op papyrus overgeleverd uit een latere periode in het Nieuwe Rijk. Deze brief zou de aanleiding zijn voor de oorlog waarmee uiteindelijk de Thebanen de eenheid weer herstelden.
In deze brief schuilt een religieuze tegenstelling. De naam van de koning Apepi (Apophis) suggereert de mogelijkheid dat het om een verzonnen naam gaat, bedoeld om aannemelijk te maken dat de Hyksos moesten worden verdreven en de 'orde' te herstellen. Het is ook mogeljk dat het om een echte naam gaat, omdat de Hyksos de god Seth vereerden.

Apep slang
Apep slang, de personicatie van het kwaad, wordt verslagen.

Vijanden van Egypte werden voorgesteld als Apep of Seth. Zij werden gelijkgesteld aan de 'chaos' in het land, die moest worden neergeslagen om 'Maat', de orde, te herstellen.
Apep (Apophis)was in de Egyptische mythologie een demoon in de gedaante van een slang, die het kwaad voorstelde. Hij vertegenwoordigde het duister en de chaos. Als zodanig stond hij tegenover Ma'at, de godin van de orde en de harmonie. In de loop van de tijd werd Apep steeds meer geassocieerd met Seth, volgens de Egyptische mythologie de moordenaar van de belangrijkste god Osiris. Horus, de zoon van Isis en Osiris, doodde Seth en herstelde de orde.
Seth kreeg de betekenis van 'tegengod', te vergelijken met de bijbelse Satan. Als moordenaar van Osiris belichaamde hij het kwaad, en als zodanig ook de vijanden van het land. De Hyksos stelden hun god Baal gelijk aan Seth, waardoor de Hyksos makkelijk als een 'vijand' zouden kunnen worden voorgesteld. Het blijkt nergens uit dat dit daardwerkelijk gebeurde. De latere Ptolemeeën, een Griekse faraodynastie gesticht door Alexander de Grote, dachten wel op deze manier. Ptolemeus IV noemde zichzelf de belichaming van Horus, die de Seleucidische vorst Antiochus, voorgesteld als Seth, overwon. Ptolemeus V deed zich voor als de Horuskoning die met Seth geïdentificeerde Egyptische opstandelingen neersloeg. De Ptolemeeën werden ook zelf voorgesteld als Seth (Typhon), in het Orakel van de Pottenbakker, waarin de hoop wordt uitgesproken eens de Grieken uit Egypte te verjagen en Memphis weer tot hoofdstad te maken. De Perzische koning Artaxerxes III Ochus die Egypte bezette, werd 'de ezel' genoemd, ook een dier dat Seth belichaamde.

Horus verslaat het nijlpaard Seth
Horus verslaat Seth in de gedaante van een nijlpaard.

Ook nijlpaarden en krokodillen werden geassocieerd met de god Seth. Vooral in het zuiden van Egypte werd het nijlpaard gezien als het heilige dier van Seth, wat bijvoorbeeld te zien is in de Ptolemeïsche tempel van Edfoe, die was gebouwd op de plaats waar de historische strijd tussen Horus en Seth zou hebben plaatsgevonden. Hier werd Seth als nijlpaard in rituele festivals door Horus vernietigd. De semitische noorderlingen hadden Seth echter gelijkgesteld aan hun 'Baal', en vereerden hem als hun belangrijkste god.
Josephus Flavius vertelt, zich baserend op Manetho, uitgebreid over de precieze rol die de Egyptische farao Ahmose (in de bijbel terecht gekomen als Mozes) had in de uiteindelijke verjaging van de Hyksos, een geschiedenis die in zeer verbasterde en verjoodste vorm in de bijbel terecht is gekomen als de Exodus.
Concrete aanwijzingen over de preciese aanleiding tot het conflict zijn er niet. De geschiedenis wordt afgeleid uit het beschikbare archeologisch materiaal, zoals grafteksten, teksten op stèles en specifieke verwondingen bij mummies met de Semitische wapens van de Hyksos-volken.

Egeïsche motieven op de wapens uit de grafkist van Ahhotep

Ahhotep
Deksel van de grafkist van Ahhotep, in 1859 gevonden door het archeologisch team van Mariette.

In 1859 werd door het archeologisch team van Auguste Mariette een grafkist gevonden bij in Dra abu el-Naga, deel van de necropolis van Thebe, van koning Ahhotep. In deze kist zijn naast juwelen ook wapens gevonden, die in verband zijn gebracht met de tekst op de Ahmose-stèle. Ze werden beschouwd als het bewijs dat Ahhotep inderdaad een militaire rol had gespeeld. Op de grafkist uit de Thebaanse necropool ontbreekt echter de titel 'Moeder van de koning', wat erop wijst dat het om een andere Ahhotep gaat. Een andere kist van een koningin Ahhotep is gevonden in de koninklijke cachette in Deir el Bahra (TT320, voorheen DB320 genoemd). Deze vermeldt wel de titel 'Moeder van de koning'. Deze kist is van de moeder van Ahmose. De kist was echter bezet met een andere mummie, van de farao Pinedjem I uit de 2I dynastie. De mummie van deze Ahhotep is tot nu toe nooit gevonden.
Volgens sommigen behoren de wapens aan Kamose of Ahmose. Ze zouden in de kist van Ahhotep zijn beland toen de koninklijke mummies van de 17e en 18e dynastie werden verhuisd vanwege de onophoudelijke grafroverij. De mummies van de 18e dynastie, die waren begraven in het koningsdal, werden gehuisvest in de koninklijke cachette in de dodentempel van Hatshepsoet in Deir al Bahri. Hier zijn ook de mummies van Ahmose en zijn moeder Ahhotep gevonden. De kisten van de koningen van de 17e dynastie werden verhuisd naar een onderkomen bij Dra Aboe el Naga. Hier werden de mummies van Kamose de koningin Ahhotep II gevonden, die vanwege de vele overeenkomsten werd verward met de moeder van Ahmose. De oorspronkelijke plaats van hun graven ligt waarschijnlijk verder in de bergen van Dra Aboe el Naga, maar daar is tot nu toe geen onderzoek gedaan.
Desondanks is de opvatting geaccepteerd dat het gaat om grafgiften die zijn geschonken aan Ahhotep. Er moet een nauwe familierelatie bestaan, want op de wapens die in het graf zijn gevonden komen de namen Kamose en Ahmose meermalen voor. Ook kunnen de koninginnen beide worden geassocieerd met de strijd tegen de Hyksos, wat blijkt uit het soort wapens en de decoratie. Beide waren gemalin van de koning en leefden in de overgangstijd van het verdeelde rijk naar het herenigde rijk. Beide zijn geassocieerd met zaken die het leger betreft.

Bijl uit het graf van Ahhotep I. Ahmose onderwerpt Hyksos-strijder
Bijl. Ahmose onderwerpt een Syrische strijder, boven een griffioen.

Omdat opgravingsleider Auguste Mariette op het moment van de ontdekking niet aanwezig was, is niet precies bekend waar hij is gevonden. Volgens Mariette was de kist gevonden in de buurt waar twee jaar eerder de kist van Kamose was opgegraven, in de omgeving van Dra Aboe el Naga.
Joan Fletcher geeft een beschrijving van de vondst. Het was een luxueuze kist, die in ongeschonden staat verkeerde. De kist was van geïmporteerd cederhout en overtrokken met goud. In de kist lag de koninklijke cobra op de hathorpruik. Verder bevond zich een belangrijke schat aan juwelen en wapens in de kist. Bij de ontruiming van het graf was helaas geen leiding aanwezig. De lokale goeverneur verwijderde de decoraties van de mummie, gooide het lichaam weg en stuurde de juwelen naar Cairo om ze te laten omsmelten tot goudstaaf.
Auguste Mariette, in die tijd de directeur van de Oudheidkundige Dienst, ging zodra hij van de vondst hoorde naar de lokatie en redde door een onverzettelijke houding wat er te redden viel. Dankzij zijn tussenkomst bevinden de schatten zich nu in het museum van Caïro.

Griffioen uit de troonzaal van het paleis in Knossos op Kreta
Griffioen uit de troonzaal van het paleis in Knossos op Kreta, in Minoïsche stijl.

Naast zaken als juwelen en een spiegel werden er wapens in het graf gevonden, waaronder een gouden armbeschermer, een speerpunt, dolken en dertien bijlen van goud, brons en zilver. Opmerkelijk waren de gouden vliegen van dapperheid, een militaire onderscheiding die wordt uitgereikt voor betoonde moed in de strijd. Verder een ceremoniële strijdbijl, een dolk, en twee modelschepen van zilver en goud. Een aantal wapens zijn gedecoreerd met Egeïsche motieven. Op een ceremoniële bijl uit het graf is te zien hoe de farao Ahmose een Hyksos-strijder onderwerpt. Op de bijl staan ook motieven die een versmelting van Egeïsche en Egyptische stijlkenmerken laten zien. De griffioen op de bijl heeft bijvoorbeeld kenmerken die ook bekend zijn uit Knossos op Kreta. De krullende vorm van de hanekam op de bijl, net zoals de krullen op de griffioen van Knossos, zijn op de foto helaas niet goed te zien. Volgens de inscriptie is de koning, hier in de gedaante van de griffioen, de 'geliefde van Montoe'. Montoe was een oude Thebaanse zonnegod en oorlogsgod met een valkenhoofd. Van oorsprong was Montu een zonnegod. Sinds de 12e dynastie werd hij overgenomen door Amon, en kreeg hij de attributen van een oorlogsgod. Amon zelf versmolt in de loop van de 18e dynastie met de zonnegod Ra tot Amon-Ra.

Dolk van Ahhotep
Dolk van Ahhotep


Ook de decoratie op de zogenaamde dolk van Ahhotep heeft een Egeïsche stijl. Op het heft wordt een kalf achtervolgd door een leeuw. In tegengestelde richting zijn een aantal sprinkhanen te zien, die zich misschien aan de gewassen tegoed doen. Jachttaferelen in Egypte symboliseren het met krachtige hand verdrijven van de chaos en het herstellen van de orde.
Het is onbekend waar deze voorwerpen vandaankomen, en hoe ze in het Thebaanse graf van Ahhotep terecht komen. Er is geen duidelijkheid of de maker Egyptisch of Egeïsch is. Een paar kenmerken suggereren dat het niet om een Egyptische maker gaat. De manier waarop de hiëroglyfen zijn geschreven zijn voor een Egyptenaar ongewoon. Aan de andere kant van het bijlblad is een sfinx te zien waarop een typisch Egyptisch motief verkeerd wordt geïnterpreteerd. De sfynxen dragen gewoonlijk een cartouche met hierin de naam van de koning. De sfinx op deze bijl draagt het afgeslagen hoofd van een vijand. In de Hyksos-periode zijn vele scarabeeën geproduceerd waaruit blijkt dat zij geen hiëroglyphisch schrift konden lezen, maar het een beetje natekenden.

Armband van Ahhotep
Armband van Ahhotep.

De grafkist is met de grafgiften in het Egyptisch museum terechtgekomen. De mummie is verloren gegaan tijdens de berging. Deze kist vermeldt niet de titel 'moeder van de koning'. De kist van de andere Ahhotep, die is gevonden in de koninklijke cachette in Deir el Bahri vermeldt wel 'moeder van de koning', maar hij bevatte niet de mummie van de koningin. Er wordt van uitgegaan dat deze kist van de moeder van Amose is.
Beide koninginnen kunnen worden geassocieerd met de strijd tegen de Hyksos en de overgang van de Tweede Tussenperiode naar het herenigde Egypte van het Nieuwe Rijk. Beide staan in nauwe relatie met de farao's Kamose en Amose. Beide worden geassocieerd met militair eerbetoon en met het behoeden van Egypte tegen chaos en versnippering. Het verbaast niet dat er veel verwarring bestaat, en dat er zoveel tegenstrijdige informatie te vinden is.
Het beschikbare materiaal geeft te weinig informatie om zekerheid te hebben over alle familierelaties. De titels van de koninginnen vermelden alleen 'moeder van de koning' of 'zuster van de koning', zonder hierbij een naam te noemen.

Amenhotep en Ahhotep
Amenhotep I en zijn echtgenote Ahhotep II.

Behalve als echtgenote van Tao II wordt een Ahhotep genoemd als echtgenote van de farao's Kamose en Amenhotep I. Het zou om een andere Ahhotep kunnen gaan, maar de echtgenote van Kamose zou dezelfde kunnen zijn als die van Tao II, na de dood van Tao II. In dat geval kan Ahhotep natuurlijk niet Kamoses moeder zijn. Vanwege de hoge leeftijd die Ahhotep bereikte is het niet onmogelijk, maar er zijn geen bewijzen voor.
Ahmose Nefertari had misschien een docher met de naam Ahhotep, die de echtgenote van Ahmoses Nefertari's zoon Amenhotep zou kunnen zijn. Op een grafstele van Amenhotep I zit zijn echtgenote Ahhotep II achter de farao.
Er is ook geopperd dat er toch maar één koningin Ahhotep is, en dat de kisten zijn gemaakt in een verschillende periode van haar leven.
Meestal wordt Ahhotep I genoemd als de dochter van Tetisheri en de moeder van Ahmose, terwijl Ahhotep II de dochter was van Ahmose Nefertari en Ahmose, en de echtgenote van Amenhotep I. De kist die bij Dra Aboe el Naga is gevonden, wijst op een koningin van de 17e dynastie. De oudere mummies van Tetisheri en Tao II zijn echter naar de cachette in Deir el Bahra gebracht, wat erop wijst dat zij volgens de zienswijze van die tijd aan de basis stonden van de hereniging van het Nieuwe Rijk. Het wachten is op meer archologische ontdekkingen om de vragen te beantwoorden. Wel kan de conclusie worden getrokken dat rond de stichter van de 18e dynastie, Ahmose, een aantal vrouwen hebben geleefd die een belangrijke invloed hebben gehad op de positie van vrouwen in het Nieuwe Rijk. Daarbij was koningin Ahhotep een van de spilfiguren.

  • Peter Janosi: http://www.newchronology.org/tfiles/295910A/05a099.pdf
  • Tekst van de stele van Kamose: http://www.touregypt.net/inscriptionofkamose.htm
  • Het Opet-feest in Karnak: http://www.philae.nu/akhet/Opet.html
  • Het mooie feest van de vallei in Karnak: http://www.philae.nu/akhet/FeastofValley.html
  • Goddelijke gemalin van Amon, wikipedia: http://en.wikipedia.org/wiki/God's_Wife_of_Amun
  • Goddelijke Gemalin van Amon, Anneke Bart: http://euler.slu.edu/Dept/Faculty/bart/egyptianhtml/kings and Queens/God's_Wife_of_Amun.html
  • Geschiedenis van de strijdwagen
  • Autobiography of Ahmose, Son of Abana
  • Verslag over de geschiedenis van Ahmose
  • Lijst met Thebaanse graven, Wikipedia
  • Cachette TT320 in Deir el Bahri, lijst op Wikipedia
  • http://www.eternalegypt.org
  • http://www.arikah.net/encyclopedia/Kamose

    | | Auteur: els-geuzebroek

    Dit artikel is keer gelezen.

    Geen reacties



    (optioneel veld)
    (optioneel veld)

    Persoonlijke info onthouden?
    Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.


  • Alle godinnen

    Ga naar alle godinnen op de oude site.

    Laatste reacties

    Barbara shocker: Ik heb nog nooit iemand gezien of gehoord van een man als Heer Bubuza, Heer Bubuza is een God in mens…
    Ben Veldstra: Hallo Els, Ik zou graag van jou of lezers willen horen of ze me iets kunnen vertellen, over de betek…
    Fried van Bijnen: Uit de vraag: "bestaan er geniale vrouwen dan ???" door Knox op 16-04-’08 om 21:01 uur, leid ik af da…
    E. Verel: Mijn achternaam is een levend monument voor de godin,met haar vele verbasteringen, als Vrel, Verhel, …
    Prof. MUSTER: Inmiddels is het Delftse Sprookjesmuaseum opgeheven, 4 Andere Musea in Delft boden geen extra-Museumr…
    Prof. MUSTER: Ik ben natuurlijk geen expert in Sankrit Pakrit Kanada of Urdu maar deze tekens lijken bijna dezelfde…
    andries oost: Kritiek en reflectie Er was wel een goed stuk van Els Geuzebroek, waar ik op zou willen reageren. Wat…
    Fried: Prachtig artikel heb je gevonden, Els. Philipke heeft er jammer genoeg nog steeds geen antwoord op ge…

    Reorganisatie

    Op dit moment worden alle godinnen overgezet naar een nieuwe database. Omdat dat veel werk is, zal het een tijd duren voor alles is overgezet. Veel crosslinks gaan nog terug naar de oude pagina's omdat eerst alle entries moeten worden toegevoegd.
    Voor suggesties en commentaar kun je terecht op het forum.

    Video's

    Woensdag 09 September 2009 at 11:33 pm


    Forum | Pivotx Homepage | Pivot Forums | Extensies | Pivotx Boek