Godinnen uit de hele wereld

godinnen uit de hele wereld
index alle godinnen | attributen | weblog | forum | contact | boeken | zoek | links: oude pagina | links: nieuw |

Elissa [Andere spelling: Elyssa, Elyssar, Elishat](Electra) vorige || volgende (Eneth)


Elissa. Ook Elyssa, Elyssar of Elishat. Dido, Deido. Fenicische, mythische stichteres van de stad Carthago. Elissa is waarschijnlijk een weergave van de Fenicische naam, de naam Dido is Romeins. Elissa werd ook gelijkgesteld aan Tanit, sinds de vijfde eeuw v.o.j. de belangrijkste godin van Carthago.
De naam Elissa is bekend van o.a. Junianus Justinus, een Romeinse historicus uit de derde eeuw, die tekstfragmenten overleverde van oudere schrijvers als Trogus en Plinius. Vergilius noemde haar in de Aenaeas Dido of Deido ('zwerfster'), vanwege haar lange zwerftocht. De Romeinse Servius noteerde dat Vergilius de originele namen in Romeinse veranderde, indien dat beter paste. Volgens hem was de oorspronkelijke naam van Elissa's echtgenote Sichaeus Sicharbas, wat meer overeenkomt met Acerbas, de naam die Justinus gebruikte.
Elyssa was de mythische stichtster van de Fenicische stad Carthago. Romeinse munten tonen Dido die de stad bouwt, of Dido met een galei waarin ze de stad Tyr ontvlucht.
Haar vader was de koning Mutto (Mutgo) of Belus, de koning van Tyr. Belus is een Griekse weergave van het Fenicische 'Ba'al' ('heer'), een titel voor een god, in dit geval voor de stadsgod van Tyr. Josephus noemde hem Matgenus. Ook komt de naam Methres nog voor, en Agenor, die ook wordt genoemd als de vader van Europa en Cadmus. Verder wordt de naam 'Mattan' genoemd als vader van Elissa. Josephus noemt een Mattan als priester van de Baal-tempel die was opgericht door Athaliya, de dochter van Izabel, en haar echtgenoot Jehoram. Zij werden alle vermoord door Jehoiada, die vervolgens de Levieten installeerde.

Melqart, de aan Poseidon verwante stadsgod van Tyr, op hippocampus. Andere zijde: uil
Melqart, de aan Poseidon verwante stadsgod van Tyr, rijdt op zijn hippocampus. Op de andere zijde een uil met kromstaf en dorsvlegel.

Haar vader maakte Elissa en Pygmalion beide tot zijn erfgenaam, maar het volk plaatste alleen Pygmalion op de troon. Pygmalion vermoordde vervolgens haar echtgenoot Sichaeus (volgens Vergilius) of Acerbas (Junianus Justinus), in de hoop dat hij via Elissa de grote schat zou kunnen verkrijgen die Acerbas ergens in de grond bewaarde. Acerbas was een priester van Hercules, de Griekse naam voor Melqart ('koning van de stad'), de grote god van Tyr, die ook in Carthago werd vereerd. Melqart werd op Carthaagse munten afgebeeld, rijdend op zijn hippocampus over de zee, de reis van de zon langs de hemel naar het westen symboliserend. Op de andere kant was vaak een uil afgebeeld, met kromstaf en dorsvlegel. De combinatie is ontleend aan Athene, de stad die wordt geassocieerd met Poseidon, die eveneens een hippocampus bereidt, en Athene, die werd geassocieerd met de uil. De Carthaagse uil wordt ook wel in verband gebracht met de havik van de Egyptische Horus, die zelf weer kan worden geassocieerd met Hercules of Melqart. Misschien werd deze uil ook geassocieerd met de zee, omdat de Egyptische hiŽroglyf voor water werd uitgebeeld door drie uilen. Kromstaf en dorsvlegel waren Egyptische symbolen van de heersende farao en van diverse goden, met name Osiris.
Sichaeus waarschuwde Elissa in een droom, en zij vluchtte met de schat eerst met haar gevolg naar Cyprus, en vervolgens naar de plaats in Noord-Afrika die tegenwoordig TunesiŽ heet, misschien een herinnering aan de naam van de godin Tanit. Zij landde, op de vlucht voor haar broer Pygmalion, volgens de mythe met haar gevolg in de negende eeuw voor de kust van Noord-Afrika. Daar werd in de grond een stierenhoofd gevonden, en later een paardenhoofd, tekenen dat hier de stad kon worden gebouwd. Een paard kwam veel voor op Carthaagse munten, vaak gecombineerd met een palm, met op de andere zijde een hoofd van Tanit.
De Siciliaanse Timaeus (356Ė260 v.o.j.) noemde het jaar 814 v.c. als het stichtingsjaar van Carthago, evenals de stichting van Rome. Elyssa zou volgens zijn informatie eerst een kolonie hebben gesticht op Cyprus, en daarna zijn doorgereisd naar Noord-Afrika. Cyprus wordt geassocieerd met Aphrodite Cypris, die verwant is aan de Fenicische Astarte. Op Cyprus leefde volgens de Griekse mythologie een Pygmalion die uit liefde voor Aphrodite een seksuele relatie had met een beeltenis van deze godin.
Elissa kwam na vele omzwervingen, waaraan ze haar naam Dido ('zwerfster') ontleende, aan in Noord-Afrika, waar tijdens haar aankomst de Numidische koning Hiarbas of Iarbas regeerde. Hiarbas was een zoon van 'Zeus-Ammon' (Ba'al Hammon, de belangrijkste Carthaagse god, met net als de Egyptische Amon een ramskop). Elyssa kreeg van de oorspronkelijke bewoners toestemming om al het land te gebruiken dat ze kon omcirkelen met een enkele ossehuid. Ze sneed een huid in hele dunne repen, waarmee ze de heuvel omcirkelde waarop Carthago werd gebouwd. Om die reden zou de ommuurde citadel van de stad Bursa (Grieks voor 'ossehuid') zijn genoemd. 'Bosra' of 'borsa' (van het Semitische brt) is echter een Fenicisch woord voor citadel. Misschien verwijst het ook naar de toren of polis, het symbool van de stedelijke beschaving, waarmeer vele godinnen werden afgebeeld. Ook Tanit, die volgens sommigen met Dido kan worden geÔdentificeerd, droeg soms deze toren.
Carthago betekent letterlijk Karth hadasht, 'nieuwe stad'. De Romeinse historicus Appianus, die leefde in ca. de eerste eeuw, schreef dat Carthago was gesticht door Zoros en Karkhedon; deze namen verwijzen naar Tyr, in het Fenicisch Tzor of Zur (rots) en Cyprus, waar de FeniciŽrs ook een kolonie hadden gesticht met de naam Karth Hadasht. Karkedon is hiervan de Griekse transcriptie.

Dido en Aeneas in de grot, waar zij hun huwelijk sluiten. Fragment van een miniatuur uit het manuscript van Vergilius Vaticanus, uit de Biblioteca Apostolica Vaticana, dat waarschijnlijk dateert uit de vierde of vijfde eeuw.
Dido en Aeneas in de grot, waar zij hun huwelijk sluiten. Fragment van een miniatuur uit het manuscript van Vergilius Vaticanus, uit de Biblioteca Apostolica Vaticana, dat waarschijnlijk dateert uit de vierde of vijfde eeuw.

De stichting van de stad door Dido is vooral bekend uit de Aeneas van de Romeinse schrijver Vergilius. Een aantal Trojanen ontvluchtten de Trojaanse oorlog per schip, en stichtten Rome. Onderweg kwamen ze langs Carthago, waar Aeneas een liefdesrelatie kreeg met Dido. Aeneas werd deze richting uit gestuurd door Poseidon of Neptunus, een god die overeenkomt met de Carthaagse Melqart, die hier werd vereerd samen met Tanit en Baal Hammon.
De Aeneas is een variatie van de Ilias van Homerus, waarin Odysseus na de Trojaanse oorlog tien jaar lang rondreisde, voortgejaagd door de goden, voor hij naar huis kon terugkeren. Dido betoverde Aeneas met haar liefde zodat hij vergat verder te varen, een lot dat Odysseus ook al was getroffen. De godin Hera joeg Dido met Aeneas door een enorme regenbui naar een grot, waar de geliefden een 'heilig huwelijk' sloten.
Om aan een huwelijk met Iarbas te ontkomen, die haar begeerde om haar paleis en de stad over te kunnen nemen, pleegde Elissa zelfmoord door zelfverbranding. Vanwege deze daad werd zij vervolgens als een godin vereerd. Een dergelijk verhaal is ook bekend uit een historische overlevering van de Romeinen, en is daar misschien op gebaseerd. In 146 v.c., tijdens de laatste Punische oorlog, zag de generaal Hasdrubal van Carthago geen uitweg meer, toen de stad praktisch was verwoest, en alleen de citadel nog overeind stond, en hij smeekte voor zijn leven. Toen verscheen boven de muur de vrouw van de generaal, met haar twee kleine kinderen op de armen. Ze schold haar echtgenoot uit voor lafaard, vervloekte de Romeinen voor de verwoesting van Carthago, en sprong vervolgens met haar kinderen in de vlammen van de brandende stad. Ook herinnert de mythe misschien aan het brandoffer, een Fenicisch mensenoffer dat werd uitgevoerd op de tophets. Dit betrof gewoonlijk kinderoffers.
Na haar dood veroverde Iarbas de stad, en Elissa's zuster Anna vluchtte naar het eiland Melite (Malta), waar ze werd ontvangen door koning Battus. Door de voortdurende agressie van Pygmalion moest ze echter opnieuw vluchtten, en uiteindelijk kwam ze in het verafschuwde Rome, waar ze als nimf zich verschool in de rivier de Numicius, en zoals Ovidius in zijn Fasti zei veranderde ze in de jaargodin Anna Perenna.
In de Aenaeas wordt een aangepaste versie van Elissa's zelfmoord beschreven. Na Aeneas' vertrek, of om de haat van de Lybische stammen vanwege haar liaison met Aeneas, verkoos Dido voor de dood door zelfmoord door de brandstapel. Zij doorstak zich met Aeneas' zwaard, en ging met zijn wapens en andere relieken die aan hun het huwelijk herinnerden in de vlammen op.
De naam Elissa is misschien verwant aan Ilias, en aan Ilium, een andere naam voor Troje.
De mythe wordt gekenmerkt door een reeks verdubbelingen. Elisha ontvluchtte Tyr omdat haar broer een grote schat begeerde, die het eigendom was van haar echtgenoot Acerbas, en ze vluchtte naar de nieuwe stad Carthago. Later begeerde Iarbas, wiens naam nogal lijkt op Acerbas, haar nieuwe rijk; zij pleegt zelfmoord, en haar zuster Anna vlucht naar de zojuist door Aeneas gestichtte stad Rome. In eerste instantie vlucht ze naar Malta, maar wordt hier net als eerder haar zuster door haar broer Pygmalion verjaagd.
In deze versies vluchtte Elissa voor haar moordzuchtige broer, maar mogelijk bestaat er ook een versie waarin zij haar echtgenoot vermoordt. Eustathius noemt Dido in zijn commentaar op Homerus de 'moordenares van haar echtgenoot'.
Pygmalion is bekend van een andere mythe, waarin hij zo verliefd is op Aphrodite dat hij uiteindelijk een seksuele relatie aangaat met haar beeltenis. Aphrodite wekte het tot leven, en een dochter werd geboren met de naam Paphos, de vroegste cultusplaats voor Aphrodite op Cyprus. Pygmalion zou een Griekse verbastering zijn van pumiyathon of pumayyaton, volgens George Frazer een naam voor de priesterkoningen van Astarte in Byblos. In Tyr schijnt een koning met de naam Pummayaton, een zoon van een Mattan 1, te hebben geregeerd van 829-821 v.c., dus in de tijd dat in het Mediterrane gebied veel kolonies werden gesticht. Maar in Carthago vereerde men ook de beschermgeest Pygmaeus of Patechus (Pataikos, Grieks voor 'dwerg van Pthah' of Pataeke), een afzichtelijk monster, dat op de boeg van de schepen werd afgebeeld om de vijand schrik aan te jagen. Pygmaeus betekent 'pygmee'. Misschien gaf dit gedrocht aanleiding tot de voorstelling van Pygmalion als een moordzuchtig monster. In Egypte werden de Pataike 'zonen van Ptah' genoemd. Patechus/Pygmaeus is een god van de zeevaart en een beschermer van zeelieden.
De mythe over het verkrijgen van het land komt overeen met Germaanse mythen over Gefion. Een andere mythe waarbij de stichtingsplaats van een stad wordt bepaald door een koe is Thebe, gesticht door Kadmos tijdens zijn zoektocht naar zijn zuster Europa. Kadmos ('morgen') en Europa ('avond') zijn beide kinderen van de koning Phoenix, een naam die verwijst naar de Fenicische herkomst.
Een eeuw na de vernietiging door de Romeinen bouwde Julius Caesar de stad weer op. In de vierde eeuw leefde hier de christelijke kerkvader Sint Augustinus, die veel heeft bijgedragen aan de vorming van het Christendom. Ten slotte werd de stad met de komst van de islam voorgoed verwoest.

© nissaba.nl

Deze pagina is 6556 keer bekeken




Kenmerken

Andere namen: Dido, Tanit
Verwant: Anna, Nerthus, Gefion

Functies: patronage, stadsgodin, stichtingsmythe
Lexicon: hippocampus, tophet
Attributen: polis, schip
goden: Acerbas, Agenor, Bel, Mattan, Melqart, Pataikos, Pygmalion, Pygmaus, Sichaeus
Lokatie
Stad / steden:
Carthago (TunesiŽ)
Landen/volken: FeniciŽ, TunesiŽ
Streek/gebied: ,

Oude pagina's


Zoek:
Kijk hier voor uitgebreide zoekmogelijkheden.
lexicon
kalenderdagen
mythische plaatsen
hemellichamen
attributen
functies
goden
archeologische lokaties, tempels etc.
landen
steden